Het is donderdagmiddag, het 8e en 9e uur. Voor mij zitten 25 studenten van de opleiding Pedagogisch Werk (PW) niveau 4. Jessica steekt haar vinger omhoog. ‘Jessica, vertel, ik zie dat je een vraag hebt’, zeg ik. Jessica heeft duidelijk wat op haar hart en zegt: ‘Joyce, het is dus belangrijk voor de hersenontwikkeling van baby’s om contact te maken en ze aan te raken als ze huilen en te zeggen wat je gaat doen, zodat baby’s weten wat ze kunnen verwachten. Waarom zie ik dit dan zo weinig op mijn stageplek?’

De overheid zoomt steeds meer in op de pedagogische kwaliteit van de kinderopvang en hiermee op de pedagogische interactievaardigheden van professionals. De subsidieregeling voor trainingen over taal- en interactievaardigheden is hier een bekend voorbeeld van. Het dringt steeds meer door dat kinderopvang niet alleen opvangen van kinderen betekent, zodat ouders kunnen werken. Nee, kinderopvang biedt veel meer dan dat. Voordelige gevolgen van kinderopvang uiten zich vooral op het terrein van cognitief functioneren. Op 15-jarige leeftijd leidt kinderopvang van hoge kwaliteit tot meer schoolsucces (Vandell et al., 2010) en kinderopvang van hoge kwaliteit voorspelde betere taalvaardigheden en geheugen (NICHD, 2002).

Hoge kwaliteit opvang betekent onder andere dat er pedagogisch medewerkers werken die oog hebben voor de signalen van een kind en hier passend op reageren. Ze creëren voldoende leermomenten voor kinderen op de groep. Dan heeft kinderopvang een positief effect op ontwikkelingskansen voor kinderen en hiermee ook op de toekomst van onze maatschappij.

De mbo-opleidingen moeten ervoor zorgen dat zij toekomstige pedagogisch medewerkers toerusten op de belangrijke rol die zij spelen voor kinderen. Studenten dienen opgeleid te worden volgens de laatste wetenschappelijke inzichten en nieuwe vaardigheden die hun toekomstige beroep vereist.

Onderstaande is een fractie van wat Jessica zich eigen moet maken in de opleiding:

  • Jessica leert hoe zij een kwetsbare groep binnen de opvang, baby’s, het beste kan begeleiden. Wat moet ik doen om de breinontwikkeling te stimuleren? Welke activiteiten voer ik uit met baby’s?
  • Jessica leert hoe zij media kan inzetten in de kinderopvang. Hoe maak ik kinderen op de BSO mediawijs? Welke media zijn juist wel en niet geschikt voor jonge kinderen?
  • Jessica past de zes interactievaardigheden toe in haar werk met kinderen. Hoe ondersteun ik kinderen emotioneel? Hoe bied ik respect voor de autonomie van een kind? Hoe stel ik grenzen en bied ik structuur? Waar moet ik rekening mee houden als ik praat met een kind en uitleg geef en welke ontwikkelingsgerichte activiteiten kan ik doen? Hoe begeleid ik de interacties tussen kinderen onderling?

Wat Jessica niet weet is dat ons onderwijs binnen de PW-opleiding aan het veranderen is, dat er een ‘update’ plaatsvindt. Vanaf 1 augustus 2016 starten mbo-scholen met een nieuwe kwalificatiestructuur. Een mbo-opleiding bestaat voortaan uit een basisdeel, profieldelen en keuzedelen. Met het keuzedeel kan de student zich verbreden of verdiepen en dit levert een verrijking op bovenop de kwalificatie. Je kan je voorstellen dat met het introduceren van keuzedelen in de opleiding PW er sneller ingespeeld kan worden op de ontwikkeling in het beroepenveld en in de regio. Zo zullen wij binnen het mbo waar ik werk, keuzedelen aanbieden, zoals VVE, de Nanny, doorstroom hbo, IKC, de zes interactievaardigheden, mediawijsheid, babyopvang, maar ook doorstroomgerichte keuzedelen aanbieden zoals Engels voor niveau 3.

Er moet een update (updaten betekent letterlijk actualiseren in het Engels) plaatsvinden van vaardigheden die een pedagogisch medewerker in de kinderopvang anno 2016 moet beheersen. Hiervoor is scholing onmisbaar. Wat denk jij? Welke update is er nodig voor de functie pedagogisch medewerker om tegemoet te komen aan recente ontwikkelingen?

Gebruikte referenties

  • NICHD Early Child Care Research Network. (2002). Early child care and children’s development prior to school entry: Results from the NICHD Study of Early Child Care. American Education Research Journal, 39, 133–164.

                  Vandell, D. L., Belsky, J., Burchinal, M., Steinberg, L., & Vandergrift, N. (2010). Do effects of early child care extend to age 15 years? Results from the NICHD Study of Early Child Care and Youth Development. Child Development, 81, 737–756.